Niemand luistert meer naar Rutte, maar hij heeft het zelf niet door

[BNR-column, dd. 4 september 2013]

Het grote probleem van de vakantie is dat ze eindigt. Na een idyllische periode van rosé in een hangmat en zwembadbommetjes met zoonlief, is the day after altijd een ware beproeving. 

Voor een politicoloog is de culture shock zelfs nog heftiger. De grootst mogelijke voorzichtigheid is geboden: ga je na het politieke reces kopje onder in het Haagse, dan kan je meteen een nieuwe reis gaan boeken. De overgang van een azuurblauw meer in de Provence naar een feministische discussie over het lidmaatschap van een visvereniging vergt veel van het tempo-doeloegemoed.

Om de omschakeling van vakantie naar het dagelijkse leven ietwat te verzachten luisterden wij op de Autobahn naar De brief voor de Koning van Tonke Dragt. Dat mysterieuze ridderavontuur werd voorgelezen door Willem Nijholt met een fantastische intensiteit. Zijn doorleefde stem wekte elk persoon tot leven en voerde je mee naar het oude Europa van ridders en kastelen.

Al luisterend naar deze vertelling besefte ik wat ik zo mistte aan de politiek: waarachtigheid en vakmanschap. Waarachtigheid in de zin van de realiteit serieus nemend en vakmanschap in de zin van het niet snel tevreden zijnd met je scheppingen.

Deze kwaliteiten kenmerkten ook Hendrik Jan Schoo, degene naar wie de jaarlijkse lezing die Mark Rutte hield, vernoemd is. H.J. Schoo (1945-2007) was een erudiete journalist met een groot gevoel voor taal en tijdgeest, wars van modes en glad gepraat.

Schoo’s intellectuele erfenis heeft de organisatoren er niet van weerhouden Rutte uit te nodigen voor een verhaaltje dat nog net het K3-niveau bereikte.

Het was het oude liedje, een dofgrijze gebarsten plaat. Onze premier maakt werkelijk van elke gelegenheid een goedpraatmoment. Overal waar hij maar kan, probeert hij zijn toehoorders te overtuigen van al het noodzakelijke en moois dat het kabinet verricht. Ieder verhaal van Mark Rutte is een identiek reclamespotje.

Maar niemand is meer geïnteresseerd in zijn boodschap.

Ik werd gebeld door een radioprogramma voor commentaar op de lezing. De redactrice zocht iemand die er iets positiefs over kon zeggen, als tegengas voor de stortvloed aan kritiek. Daartoe was ik toch echt niet in staat, antwoordde ik, hoogstens in het geven van wat achtergrondinformatie, bijvoorbeeld, waarom Rutte niet beter kan of weet, streng opgeleid in de Bolkesteiniaanse school van het economisch liberalisme als hij is. In wanhoop ging ze het maar proberen bij de VVD zelf, hoewel ook daar de handen niet meer vanzelf op elkaar gaan, wist ze.

De conclusie is dat iedereen doodmoe is van Rutte’s gelul, en dat hij dat zelf maar niet doorheeft. Een slecht begin van het nieuwe parlementaire jaar en een heel goede reden om het vakantiegevoel nog maar even vast te houden.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s